Straffen door de eeuwen heen

From Samenleving
Jump to navigation Jump to search

Inleiding[edit]

De straffen die vanaf de 14e eeuw tot aan het einde van de 18e eeuw werden toegepast in Nederland waren lijfstraffen, doodstraffen, onterende straffen, boetedoeningen, vrijheidsstraffen en vermogensstraffen. Alle jaren voor 1795 werden mensen vooral doodgeslagen, onthoofd of door vieren gedeeld als doodstraf.

Lijfstraffen[edit]

Bij lijfstraffen moet je vooral denken aan martelingen, mensen werden vastgebonden op houten balken en vervolgens werden hun ledematen gebroken door met een rad op een ledemaat te slaan. Daarna werden er met een tang stukken uit hun rug geknepen en vervolgens werden ze opgehangen. Lijfstraffen waren verminkende straffen, het afhakken van ledematen, brandmerken, verminking van tong, neus en oren maar ook afhakken van ledematen. De beul mocht met allerlei gereedschap mensen een lijfstraf aandoen. Ledematen, vingers en hoofden werden afgehakt. Hij kon ook brandmerken met een brandijzer, messen, priemen, tangen, bijlen, roeden en brandijzers behoorden tot dit assortiment. Als je op een van de lijfstraf manieren werd gestraft, was hierna vooral je eer weg die je van het volk normaliter had. En natuurlijk een ledemaat, als je dit overleefde. Bij het pijnlijke verhoor gebruikte men altijd duimschroeven, maar later ook zwaardere middelen, zoals een wipgalg. De verdachte werd aan een touw gebonden en hij werd langzaam naar het plafond getrokken tijdens het verhoor. Soms werd de verdachte ook met een gewicht aan zijn voeten naar het plafond getrokken. Als hij op een goeie hoogte was lieten ze hem vallen tot net boven de grond. De schok die dan volgde was ook erg pijnlijk, hierbij brak de verdachte vaak zijn schouder.

Doodstraffen[edit]

In 1534 werden mensen aan een staak gebonden en in een strooien huisje verbrand. De galg was vooral voor de gewone mensen die een misdaad hadden begaan. Maar de ergste straf die een mens kon krijgen was radbraken. Dan werd je vastgebonden met handen en voeten op het radbraakkruis en werd je door de beul kapotgeslagen. Aan het einde werd je dan onthoofd door de scheprechter, op een ijzeren pin geprikt en op het radbraakhuis gezet. In de late Middeleeuwen komt de pijnbank er ook nog bij, niet als strafwerktuig, maar om iemand zijn misdaad te laten bekennen.

Afgeschafte straffen[edit]

De tortuur (pijnigen) werd in 1798 afgeschaft, de lijfstraf werd in 1854 afgeschaft, met uitzondering van geselen. Geselen werd op 4 april 1870 namelijk afgeschaft.

Straffen die we nu nog kennen[edit]

De boetedoeningen waren vooral het inleveren van stenen voor bijvoorbeeld een overheidsgebouw, of gewoon geld. Boetes kennen we nu nog steeds in de vorm van geld. Ook gevangenisstraf bestond vroeger al, dit was dan voor criminelen die soms levenslang vast bleven zitten.

Slot[edit]

Dus de straffen die vanaf de 14e eeuw tot het einde van de 18e eeuw werden uitgevoerd waren vooral doodstraffen en lijfstraffen. Er waren hele heftige straffen en straffen waar alleen de eer van de bevolking voor je weg was. Ook gevangenisstraffen zijn niet onbekend in het heden.


Bronvermelding[edit]

https://www.blikopdewereld.nl/rechtspraak/strafrecht-in-historie/1223-18-overzicht-toepassing-straffen-van-de-14e-tot-het-eind-van-de-18e-eeuw